Hij ontwikkelt met artsen software die meet hoe diep baby’s slapen, adviseert over de regelgeving rondom software en ondersteunt gebruikers van zijn software. Als ontwerper bij de afdeling Medische Technologie en Klinische Fysica komt René van de Vosse op veel verschillende plekken in het UMC Utrecht.

De afdeling Medische Technologie en Klinische Fysica helpt onderzoekers of zorgverleners bij het maken en aanpassen van medische apparatuur en software. “Zij hebben een idee en wij maken dat. Denk hierbij aan het ontwikkelen van een apparaat voor medische studies en van software om specifieke data te verzamelen en te verwerken, en aan het geschikt maken van bestaande medische apparatuur voor andere toepassingen. Zo zijn we betrokken geweest bij de Whistler, een handzaam apparaat om de longfunctie van baby’s te meten.” In dit dagboek vertelt René over zijn dagelijkse werkzaamheden. 

Maandag: handleiding schrijven

“Vandaag ben ik om 8 uur op mijn werk. Eerst ga ik de handleiding van het dataverwerkingsprogramma SignalBase bijwerken. Promovendi maken veel gebruik van dit programma. Hierin doen ze onderzoek op basis van fysiologische signalen, zoals bloeddruk, hartslag en temperatuur. Het programma maakt van deze data grafieken om zo in één oogopslag het verloop en onderlinge verbanden te zien. SignalBase kan in deze signalen bijvoorbeeld tijdsintervallen of piekhoogtes meten. Maar ook verbanden tussen verschillende signalen vaststellen en statistische gegevens berekenen. Het is een uitdaging de handleiding gebruiksvriendelijk te houden. Maar door wat illustraties en screenshots toe te voegen denk ik dat het me wel is gelukt. Om half 11 heb ik technisch overleg. Tijdens dit tweewekelijkse overleg vertellen de collega’s waar ze mee bezig zijn en waar ze tegenaan lopen. Doel hiervan is om kennis te delen en van elkaar te leren. Deze keer gebruiken we dit overleg om mee te denken met een onderzoeker van de afdeling cardiologie. Hij is bezig met een mogelijke verbetering van de ‘DC ablator’, een innovatie voor het behandelen van patiënten met hartritmestoornissen. ’s Middags ga ik naar Nijmegen voor de scriptiepresentatie van mijn dochter.”

Dinsdag: golvende lijnen

“Om 10 uur heb ik een afspraak met medewerkers van de NICU (Neonatale Intensive Care Unit) en van de Universiteit van Leuven. Ze hebben mij gevraagd iets te vertellen over het registreren van waveforms, wat binnenkort in het WKZ mogelijk wordt. Onderzoekers van het UMC Utrecht en de Universiteit Leuven willen waveforms verzamelen voor verdere bestudering. Waveforms zijn de golvende lijnen op de bewakingsmonitoren, die bijvoorbeeld het verloop van iemands hartslag of bloeddruk registreren. Door analyse van deze waveforms kan er iets gezegd worden over de gemoedstoestand van een kind en kunnen er mogelijk slaapstadia bepaald worden. ‘s Middags geef ik een presentatie over het analyseren van bloeddrukcurves in SignalBase. Onderzoekers willen details van de bloeddrukcurve bestuderen om te kijken of daarmee bloeddrukveranderingen voorspeld kunnen worden. Dit was nu nog niet mogelijk, daarvoor is de software onlangs uitgebreid. Tijdens de bespreking komen ook enkele andere projecten ter sprake waarbij we SignalBase gebruiken, zoals het project ‘Goede slaap’. Goede slaap is voor iedereen belangrijk, maar helemaal voor baby’s op de NICU. Voor hun verzorging – het voeden of het verschonen van een luier – worden ze vaak wakker gemaakt. Als we hun slaapperiodes kunnen meten en aangeven, kan daarmee rekening worden gehouden bij de verzorging. Bijvoorbeeld door ze niet wakker te maken uit een diepe slaap voor een voeding. We gaan nu onderzoeken of baby’s zich  dan ook beter ontwikkelen.”

Woensdag: data analyseren

“De dag begint met een telefoontje van een onderzoeker van de afdeling anesthesie. Ze heeft een vraag over SignalBase, ze krijgt waarschuwingen dat er data dubbel in staan. Tijdens haar vakantie heeft het systeem een update gekregen, mogelijk is daar iets misgegaan. Ik ga bij haar langs en het lukt mij om haar probleem vast te stellen en op te lossen.
‘s Middag ga ik naar een arts-onderzoeker die bezig is met haar promotieonderzoek op de NICU. Voor haar onderzoek analyseert zij data van kinderen die als foetus een groeivertraging hebben opgelopen. Hierbij wil ze ook data van andere ziekenhuizen vergelijken, maar die zijn op een andere manier geregistreerd waardoor vergelijking niet zomaar mogelijk is. Aan mij de vraag of dit op de een of andere manier toch zo goed mogelijk kan. Ik heb daar niet direct antwoord op en moet dat gaan uitzoeken. Nu ik toch in het WKZ ben, loop ik gelijk even bij mijn collega’s van beheer langs. Zij zijn een storing aan het oplossen. Door een update was het ineens niet meer mogelijk om data op te slaan. Terug op mijn werkplek hoor ik dat de storing inmiddels grotendeels is opgelost. Voordat ik naar huis ga bekijk ik nog even mijn mail. ‘s Avonds ga ik repeteren met mijn band ‘MyGoodness’, even heerlijk herrie maken.”

Donderdag: regelgeving

“Deze ochtend spreek ik met collega’s over de regelgeving rondom de elektrische veiligheid van appratuur. Zo moet bijvoorbeeld de isolatie om stroomdraden een bepaalde dikte hebben, mogen er geen scherpe randen aan apparatuur zitten en moet er voor gezorgd worden dat apparatuur elkaar niet verstoord. 
‘s Middags heb ik een afspraak met één van de innovatiemanagers van Pontes Medical. Zij begeleiden de ontwikkeling van een nieuw product van idee tot realisatie in de zorg. De innovatiemanager heeft een vraag over de regelgeving bij het ontwikkelen van een nieuw softwarepakket bij orthopedie. Ik geef uitleg over de wetten, richtlijnen en normen, waar je rekening mee moet houden als je een softwarepakket voor de markt wilt ontwikkelen, zoals dossier opbouw, ontwerptechnieken en risicomanagement. Hierbij gaat het niet alleen om normen en richtlijnen waar ‘het product’ aan moet voldoen, maar het gaat ook over eisen waar ‘de fabrikant’ aan moet voldoen, zoals het inrichten van een kwaliteitssysteem.”

Vrijdag: storing

“De laatste dag van de week  werk ik eerst aan een ontwerp voor SignalBase om data op zo’n manier op te slaan dat ze niet meer herleidbaar zijn naar personen. In de middag ga ik nog even langs bij een klant van het gemeenschappelijke dierenlaboratorium. In 2002 hebben wij een opstelling gebouwd die het aantal omwentelingen van loopwielen voor kleine proefdieren registreert. Hiermee kunnen de onderzoekers gedragsstudies uitvoeren. Het verbaast me soms hoe lang een opstelling meegaat. De opstelling is onlangs naar een andere locatie verhuisd. Daarbij is de software overgezet op een andere computer en sindsdien werkt het niet meer en verschijnen er foutmeldingen. Om de oorzaak hiervan te achterhalen, besluit ik om de computer mee te nemen naar mijn werkplek. Volgende week ga ik hiermee aan de slag. Nu eerst weekend!”

Laat het ons weten als je vragen, opmerkingen of reacties voor de redactie hebt.

Reageer op dit artikel

Dit is een verplicht veld Dit is geen juist e-mailadres Dit is een verplicht veld Dit is een verplicht veld
  • Geplaatst door PFeddema op 21-10-2019
    Leuk geschreven, bondig en een leuke touch door er persoonlijke niet-werk gerelateerde belevenissen in te verwerken.
    • Geplaatst door Marlies van Dullemen op 18-10-2019
      Erg leuk om jouw verhaal te lezen René! Ik zie ernaar uit om weer eens een project met je te doen.

      Lees meer verhalen

      Ontdek en verdiep je in onze onderwerpen