Vorige

Curettage

Een curettage is een kleine gynaecologische ingreep. Met een soort lepeltje schraapt de arts slijmvlies of zwangerschapsweefsel weg uit uw baarmoeder. Bijvoorbeeld voor onderzoek, bij abnormaal bloedverlies of na een miskraam.

Meer informatie

Er zijn verschillende redenen voor een curettage.

Na een miskraam

Na een miskraam is het belangrijk dat al het zwangerschapsweefsel  uit de baarmoeder is. Om hier zeker van te zijn, is in sommige gevallen een curettage nodig. De gynaecoloog verwijdert met een dun buisje of schrapertje het zwangerschapsweefsel.

Weghalen poliepen

Poliepen zijn goedaardige slijmvliezen op een steeltje. Afhankelijk van de plaats waar ze groeien, kunnen ze irritatie, pijn en bloedverlies tijdens het vrijen veroorzaken. Tijdens de curettage verwijdert de arts de poliepen.

Onderzoek en diagnose bij abnormaal bloedverlies

Met de curettage kan de arts te weten komen of bij u sprake is van een abnormale groei van uw baarmoederslijmvlies. Hij haalt wat weefsel weg dat in het laboratorium onderzocht wordt onder een microscoop. Vooral tijdens de overgang kan een abnormale groei van uw baarmoederslijmvlies optreden. Veranderingen in uw hormoonhuishouding zijn de oorzaak hiervan. Meestal gaat het om een goedaardige verandering, maar het kan ook een voorstadium van kanker zijn.

Voorbereiding

Voor deze behandeling nemen wij u ’s morgens op de afdeling ‘OK-dagbehandeling’ op. Als alles goed verloopt, kunt u in de loop van de dag weer naar huis.

Nuchter

Op de dag van de behandeling mag u vanaf middernacht niets meer eten en drinken.

Kalmerend middel

Een verpleegkundige kan u een kalmerend middel geven om de spanning voor de ingreep te verminderen.

Niet scheren

Het is niet nodig om voor een curettage uw schaamhaar te scheren.

Vervoer terug naar huis

U hoeft na de curettage niet in het ziekenhuis te blijven. We adviseren u wel om vervoer en begeleiding te regelen voor de terugreis. U mag namelijk niet zelf naar huis rijden. Regel eventueel ook dat u de nacht na de ingreep niet alleen thuis bent.

Vrouw kijkt op telefoon

Wat moet u meenemen?

Hebt u een afspraak in het UMC Utrecht of wordt u opgenomen? Neem dan het volgende mee.

Lees meer

Tips voor het gesprek over de behandeling

Met deze aandachtspuntenlijst kunt u zich voorbereiden op het gesprek met de zorgverlener over uw behandeling. 

Lees meer

Tijdens de behandeling

Tijdens de behandeling zijn de volgende zorgverleners aanwezig:

  • de gynaecoloog;
  • de anesthesist;
  • een assistent-anesthesie;
  • een operatieassistent;
  • meestal een coassistent.

Als u op de operatietafel ligt, krijgt u een lichte, algehele narcose. Als u eenmaal onder narcose bent, zal de arts eerst een inwendig onderzoek verrichten. Dit is nodig om de grootte en ligging van uw baarmoeder te bepalen. Vervolgens brengt de arts een speculum in uw vagina. Dit is een instrument dat uw schede openhoudt.

De gynaecoloog meet met een speciaal staafje (sonde) de lengte van uw baarmoeder en rekt uw baarmoederhalskanaal een beetje op, als dit nodig is. Daarna volgt de curettage. 

De behandeling duurt ongeveer een half uur.

Na de behandeling

Uitslaapkamer

Na de curettage wordt u naar de uitslaapkamer gebracht. U blijft daar totdat u weer goed wakker bent. De arts komt het verloop van de ingreep met u bespreken.

Naar huis

Als u wat gedronken hebt en u voelt zich verder goed, mag u naar huis. U mag niet zelf rijden na de ingreep.

Geslachtsverkeer

Als de bloeding gestopt is, mag u weer gemeenschap hebben.

Menstruatie

Meestal komt de eerstvolgende menstruatie gewoon op de dag die u normaal zou verwachten.

Controlebezoek

De gynaecoloog bespreekt met u wanneer voor een controle op de polikliniek komt. Tijdens dit controlebezoek komen de volgende onderwerpen aan bod:

  • uw herstel;
  • (eventueel) de uitslag van het microscopisch onderzoek;
  • (eventueel) diagnose en vervolgbehandeling.

Complicaties en bijwerkingen

De eerste dagen na de curettage kunt u last hebben van pijnlijke buikkrampen. U kunt hiervoor pijnstillers innemen. Tien tot veertien dagen na de ingreep kunt u nog enig bloedverlies hebben.
Waarschuw de huisarts of de gynaecoloog als u last hebt van de volgende verschijnselen:

  • buikpijn die na twee dagen niet minder, maar juist heviger wordt;
  • koorts;
  • hevig bloedverlies.

Hebt u vragen?

Hebt u vragen? Neem dan contact op met de polikliniek gynaecologie.

088 755 88 80

De afdeling is bereikbaar van 08.00 - 16.00 uur