Vorige

Dotterbehandeling aan het been

Een dotterbehandeling aan het been heft vernauwingen op in de slagader van uw been of bekken.

> Contact en vragen
> Mijn patiënt doorverwijzen

Meer over de dotterbehandeling

De arts brengt via de slagader in uw lies een katheter (een dun, buigzaam en hol slangetje) naar de vernauwing in de slagader. Via de katheter brengt de arts een ballonnetje naar de plek waar uw slagader vernauwd is. Dit ballonnetje wordt opgeblazen (dotteren) waardoor de vaatwand oprekt. Zo wordt de vernauwing opgeheven en de slagader wijder gemaakt.

Het kan zijn dat de arts het ballonnetje meerdere keren moet opblazen. Dit gebeurt net zo vaak totdat uw slagader wijd genoeg is. Soms plaatst de arts daarna een stent. Een stent is een soort balpenveertje van metaal dat voorkomt dat uw slagader terugveert en zich opnieuw vernauwt. 

  • Voorbereiding

    Voor een dotterbehandeling aan het been wordt u opgenomen. Meestal verblijft u één nacht in het ziekenhuis. De meeste patiënten mogen, voor en na de behandeling, hun voorgeschreven medicijnen blijven innemen.

    • Hebt u suikerziekte dan moet soms de dosering insuline of metformine tijdelijk worden aangepast.
    • Gebruikt u bloedverdunnende middelen, dan staat in de brief die u voor de opname ontvangt, of en wanneer u moet stoppen met de bloedverdunners.

    Hebt u een allergie voor contrastmiddelen of een andere allergie, meldt dit dan aan uw arts voor de behandeling plaatsvindt.

    Soms is het nodig dat u vooraf beschermende medicijnen inneemt. Met deze medicijnen is de ingreep veilig.

    Twee uur voor de ingreep mag u niet meer eten. Drinken mag u onbeperkt. Wij raden u zelfs aan om goed te drinken.

    Kort voor de behandeling scheert de verpleegkundige uw liezen op de plek waar de behandelend arts later de katheter inbrengt.

  • Tijdens de behandeling

    De behandeling vindt plaats op de röntgenafdeling of op de operatiekamer. Tijdens de ingreep ligt u op de behandelingstafel en krijgt u steriele doeken over u heen. Het is belangrijk dat u stil ligt tijdens de behandeling.

    De arts verdooft uw lies, en prikt uw slagader aan. Soms gebruikt hij een echoapparaat om de slagader op te zoeken. U blijft voelen dat de arts bezig is met de behandeling in uw lies, maar het is niet pijnlijk.Via een slangetje (katheter) krijgt u contrastmiddel ingespoten. De contrastvloeistof zorgt ervoor dat de binnenkant van het bloedvat zichtbaar is op het beeldscherm. Gelijktijdig worden foto’s gemaakt van de slagaders in uw benen. Soms vragen wij u even uw adem in te houden.

    Zodra op de foto de vernauwing te zien is, schuift de arts een ballon via de katheter naar de plaats van de vernauwing. Hier wordt de ballon opgeblazen (dotteren). Dit kunt u een beetje voelen. Daarna verwijdert de arts de ballon en maakt hij opnieuw een foto om te kijken of de vernauwing voldoende is opgerekt. Soms wordt aanvullend een stent geplaatst. Dit is een soort balpenveertje van metaal. Een stent geeft uw vaatwand extra ondersteuning en voorkomt dat uw bloedvat na het dotteren weer terugveert.

  • Na de behandeling

    Na de behandeling

    Als de behandeling klaar is, verwijdert de arts de katheter. Hij plaatst een afdichtingsdopje om het gaatje in uw slagader te dichten. Dit dopje lost vanzelf op. Daarna plaatsen we een stevig drukverband om uw lies.

    Na een dotterbehandeling aan het been, moet u een paar uren bedrust houden. Wij adviseren u daarom iets mee te nemen om de tijd prettig door te komen. Tijdens de behandeling bent u in uw liesslagader geprikt. Hierdoor kan soms een nabloeding ontstaan. Om te voorkomen dat het wondje in uw lies weer gaat bloeden, moet u de eerste tijd na de ingreep wat rustiger aan doen.

    Adviezen

    • We adviseren u de dag na uw ontslag niet te veel te lopen. Alleen kleine stukjes in en om het huis
    • We raden u aan om traplopen zoveel mogelijk te beperken.
    • Vanaf de eerste dag na uw ontslag kunt u weer douchen of een bad nemen.
    • De eerste drie dagen na uw ontslag kunt u beter niet zelf autorijden of fietsen.
    • Uw dagelijkse activiteiten van voor de behandeling, kunt u meestal de derde dag na de ingreep zonder problemen hervatten.
    • Vanaf de derde dag kunt u weer seksueel contact hebben. Dit is absoluut ongevaarlijk.
    • We adviseren u om met sporten of zware lichamelijke arbeid te wachten tot een week na de ingreep.

    Mogelijke complicaties

    Zelfs als een onderzoek helemaal goed is gegaan (“volgens het boekje”), kunnen er problemen ontstaan. Zulke problemen noemen we complicaties.

    • bloeding

    Neemt u onmiddellijk contact op met uw huisarts of de dienstdoende (vaat)chirurg van het ziekenhuis als de wond in uw lies pomp- of golfsgewijs gaat bloeden. Dit kan namelijk duiden op een slagaderlijke bloeding. Raak niet in paniek, maar druk zonodig met uw vingers de slagader in uw lies dicht of laat dit door een ander doen.

    • zwelling

    Neem ook contact op als er een toenemende zwelling in uw lies optreedt. Uw lies is dan pijnlijk en dik.

Tips voor het gesprek

Veel mensen vinden het prettig als ze het gesprek met hun zorgverlener kunnen voorbereiden. Deze tips kunnen u daarbij helpen.

Wat moet u meenemen?

Hebt u een afspraak in het UMC Utrecht of wordt u opgenomen? Neem dan het volgende mee.

Operatie

Dit is algemene informatie over de operatie. Of de onderstaande informatie op u van toepassing is, hangt af van uw persoonlijke situatie. Uw zorgverlener bespreekt dit met u.

Anesthesie (verdoving of narcose)

Dit is algemene informatie over anesthesie (verdoving of narcose). De anesthesioloog geeft u tijdens het ‘preoperatief spreekuur’ meer uitleg over anesthesie.

Verpleegafdeling

Ziektebeeld

Wachttijden

Laatst bijgewerkt: 6-3-2019
Wachttijd dagopname dotterbehandeling : 5 dagen

Contact en vragen

Hebt u vragen? Neem dan contact op met de polikliniek vaatchirurgie

088 75 569 02
De polikliniek is bereikbaar van
08.00 - 16.30 uur

...en het UMC Utrecht

Het UMC Utrecht is hét Hart- en vaatcentrum van midden-Nederland. Ons doel: minder hart- en vaatziekten. Hieraan werken we elke dag tijdens de patiëntenzorg, door wetenschappelijk onderzoek en door onderwijs.

Uw zorg in het Hart- en vaatcentrum: hier klopt alles voor u!

Het Hart- en vaatcentrum behandelt hart- en vaatpatiënten uit Utrecht en omstreken die zijn doorgestuurd door de huisarts (tweedelijnszorg), maar behandelt daarnaast patiënten uit heel Nederland met een complexe aandoening (derdelijnszorg). Daarnaast is het UMC Utrecht voor een aantal behandelingen ook een internationaal referentiecentrum (vierdelijnszorg).

De visie van het UMC Utrecht op hart- en vaatziekten: hier klopt alles voor u! Om hart- en vaatziekten goed te behandelen is het niet voldoende alleen de acute problemen (bijvoorbeeld een hartinfarct) te behandelen, maar juist ook de risicofactoren die hiertoe hebben geleid. Bij het goed diagnosticeren en behandelen van deze risicofactoren is de kennis van meerdere specialismen nodig.

In het Hart- en vaatcentrum werken de volgende medisch specialismen samen: cardiologie, neurologie, vasculaire geneeskunde, vaatchirurgie, nefrologie, geriatrie, radiologie, cardio-thoracale chirurgie, anesthesiologie, en de spoedeisende hulp.