English translation for this page is not available

Vorige

ERCP

Met een ERCP beoordelen we of er afwijkingen zitten in de galwegen en de alvleesklier. We kunnen hiermee bepalen hoe we die afwijkingen het beste kunnen behandelen. Deze behandeling wordt dan ook tijdens dezelfde ERCP uitgevoerd. Belangrijke verrichtingen zijn de behandeling van galstenen en het plaatsen van stents in geval van obstructie van galwegen of alvleesklier. Het onderzoek vindt plaats in een endoscopiekamer met een röntgenapparaat.

  • Voorbereiding

    Eten en drinken

    We kunnen het onderzoek alleen laten slagen als uw slokdarm, maag en twaalfvingerige darm leeg zijn. Het is daarom belangrijk dat u tenminste zes uur voor de ERCP niets meer eet of drinkt.

    We vragen u ook om losse gebitsdelen uit te doen.

    Vertel uw arts daarnaast of u:

    • Allergisch bent voor bepaalde geneesmiddelen.
    • Aan een hart- of longaandoening lijdt.
    • Zwanger bent.
    • Bloedverdunners gebruikt.
       
  • Tijdens het onderzoek

    Tijdens het onderzoek ligt u op uw buik op een tafel, met uw hoofd naar links gedraaid. Via een infuus in uw arm krijgt u een slaapmiddel (propofol) en een pijnstiller toegediend. De verpleegkundige plaatst een bijtring tussen uw tanden om uw gebit en de instrumenten te beschermen

    Een ERCP-scoop

    De arts brengt de ERCP-scoop (een dunne buigzame slang) door de bijtring in uw keel als u slaapt. De scoop komt via de slokdarm en de maag in de twaalfvingerige darm. Op het punt waar de galwegen en de alvleesklier in de twaalfvingerige darm uitkomen, blijft de ERCP-scoop enige tijd liggen. Via de scoop brengen we contrastvloeistof in de galwegen. Door de contrastvloeistof kunnen we de galwegen met röntgenstralen goed in beeld brengen.

     

    Lucht in buik

    Tijdens het onderzoek blazen we lucht in uw buik om een beter overzicht te krijgen van de slokdarm, maag en twaalfvingerige darm. Het kan zijn dat u hiervan moet boeren. Dit is normaal.

    Duur onderzoek

    Het onderzoek duurt dertig tot zestig minuten. Daarnaast moet u één uur rekenen voor het uitslapen.

    Tijdens de ERCP kunnen we galstenen verwijderen of (als dat nodig is) een buisje (endo-prothese) in de galwegen of alvleesklier plaatsen. Dit is afhankelijk van de bevindingen van de arts tijdens het onderzoek.

  • Na het onderzoek

    Na het onderzoek slaapt u nog één uur uit. We brengen u na het onderzoek naar een kamer waar u rustig kunt bijkomen. Als u goed wakker bent, mag u weer rustig beginnen met eten en drinken.

    Krijgt u na de ERCP klachten als buikpijn of koorts, neem dan onmiddellijk contact op met de arts die het onderzoek uitgevoerd heeft, of met de spoedeisende hulp (na kantooruren).

    Autorijden

    Op de dag van het onderzoek mag u geen auto besturen als u een roesje hebt gehad. Zorg er dus voor dat er iemand met u meegaat die u naar huis brengt, ook wanneer u met het openbaar vervoer of de taxi naar huis gaat.

    Uitslag

    Na het uitslapen bespreekt de arts met u wat hij gezien of gedaan heeft tijdens het onderzoek.

    Mogelijke opname

    Soms is het nodig u na het onderzoek voor een nacht op te nemen op de verpleegafdeling.

    Mogelijke complicaties

    Een ERCP is een veilig onderzoek. Toch kunnen er complicaties optreden. Door verslikken kan er maaginhoud in de longen terechtkomen. Dit kan een infectie veroorzaken. Daarnaast kunnen de alvleesklier en de galwegen ontstoken raken van contrastvloeistof.

    De rustgevende en pijnstillende middelen die u krijgt toegediend, kunnen in sommige gevallen ook complicaties veroorzaken. Het gaat hierbij vooral om ademhalingsproblemen en hartfunctiestoornissen.

Contact

Hebt u vragen? Neem dan contact op met de polikliniek maag-, darm- en leverziekten. Voor een afspraak hebt u een verwijzing nodig van de huisarts of specialist.

088 75 562 76
De polikliniek is op werkdagen bereikbaar van
08.00 - 17.00 uur

Wachttijden en toegangstijden

Uitleg wachttijden
Belangrijk Dit is de gemiddelde wachttijd. De wachttijd kan per patiënt verschillen. Het is afhankelijk van de reden voor verwijzing.

Zorgverleners