U komt 's ochtends op het spreekuur. Het onderzoekstraject kan een aantal uur duren. Wij proberen zoveel mogelijk onderzoeken en besprekingen op elkaar af te stemmen. Dit is vooraf lastig in te plannen, omdat wij alle tijd nemen voor onze gesprekken en onderzoeken met u en andere patiënten.
Zorgvuldigheid en aandacht vinden wij belangrijk. Dit betekent dat u misschien soms iets langer moet wachten dan u lief is. De polikliniek heeft een moderne en comfortabele wachtruimte. In het UMC Utrecht zijn verder talloze voorzieningen aanwezig, zoals winkeltjes, horeca en gratis internet.
Wij raden u aan uw partner of een familielid, vriend of vriendin mee te nemen. U krijgt veel informatie en indrukken; het is goed om deze dag een vertrouwd iemand om u heen te hebben, waar u uw verhaal aan kwijt kunt.
Waar meldt u zich?
Bij de centrale ingang van het ziekenhuis loopt u eerst tegen de inschrijfbalie aan. Daar kunt u met een geldig legitimatiebewijs en zorgpas terecht om uw gegevens te controleren. Als u wegloopt bij de inschrijfbalie kunt u de weg vragen naar de polikliniek Neuromusculaire Ziekten, receptie 6, of u volgt de aangegeven route. U meldt zich bij deze balie. Daarna neemt u plaats in de wachtruimte. De neuroloog haalt u daar op.
Het spreekuur
U komt allereerst op het spreekuur bij de neuroloog in opleiding. Hij of zij neemt uw medische gegevens en de ingevulde vragenlijst met u door. U kunt uw verhaal vertellen over het ontstaan van de klachten en het verloop ervan. Op basis van dit gesprek bepaalt de neuroloog welke vervolgonderzoeken nodig zijn om exact vast te stellen welke ziekte u heeft. Dit doet hij na overleg met de supervisor.
De supervisie bij de polikliniek is in handen van één van onze zes neuromusculaire neurologen. Na afronding van de onderzoeken wordt de neuroloog geïnformeerd. De neuroloog en de supervisor beoordelen samen de uitslagen. Vervolgens bespreekt de neuroloog samen met u het vervolg.
De verpleegkundig specialist
Op maandagen en donderdagen is tijdens het spreekuur ook een doktersassistente aanwezig. Zij is uw vaste aanspreekpunt deze dag. Zij plant en coördineert de onderzoeken en begeleidt u waar dat nodig is. U kunt met al uw vragen, twijfels en emoties bij haar terecht. Aarzel niet, wij begrijpen uw onzekerheid.
De onderzoeken
Het is onmogelijk alle onderzoeken op te sommen. Vandaar dat wij de meest voorkomende bespreken:
EMG-onderzoek spieren en zenuwen
EMG is de afkorting van elektromyografie. U krijgt een EMG-onderzoek als de arts wil onderzoeken of er iets aan de hand is met de zenuwen of spieren in uw armen of benen rug of gelaat.
Bij EMG meten wij de elektrische activiteit van uw spieren. Daarnaast meten wij ook de activiteit van de zenuw die de spier aanstuurt. U krijgt kleine metalen plaatjes (elektroden) op de huid geplaatst en/of met dunne naaldjes prikken wij in de spier. Het onderzoek duurt meestal drie kwartier. Soms is een uitgebreider onderzoek nodig.
De klinisch neurofysioloog en een EMG-laborant voeren dit onderzoek uit. Het is ook mogelijk dat het onderzoek door een neuroloog in opleiding gedaan wordt met supervisie van de klinisch neurofysioloog.
De klinisch neurofysioloog is een neuroloog die gespecialiseerd is in onderzoek naar de functie van zenuwen en spieren.
De klinisch neurofysiologen op de polikliniek zijn: dr. Vrancken en drs. Goedee.
Bloedonderzoek
Het bloedonderzoek bestaat meestal uit een aantal bepalingen. Soms is uitgebreider bloedonderzoek nodig om zeldzamere oorzaken op te sporen. De resultaten hiervan zijn meestal niet op dezelfde dag bekend.
Aanvullende onderzoeken
In de meeste gevallen kunnen wij in één dag de diagnose stellen. Soms lukt dat niet. Dat is zeer vervelend voor u. Wij maken dan afspraken voor vervolgonderzoeken, zoals:
Röntgen
Het kan ook zijn dat aanvullend röntgenonderzoek nodig is, zoals een CT-scan van de spieren of een MRI-scan van hoofd of wervelkolom.
Biopsie
Met een biopsie haalt de neurochirurg een stukje weefsel weg. Bij een zenuwbiopsie is dat een stukje zenuwweefsel uit uw onder-been. Bij een spierbiopsie gaat het om een stukje spierweefsel uit uw arm of been. Een neuropatholoog onderzoekt in het laboratorium het biopt. Dit onderzoek duurt vaak enkele weken. Zo proberen we de oorzaak van uw klachten vast te stellen.
De resultaten
In de middag komt u terug op het spreekuur bij de neuroloog in opleiding die u eerder in de ochtend zag. Hij of zij bespreekt met u de resultaten van de onderzoeken en geeft, indien mogelijk, aan welke spier- en/of zenuwziekte u heeft. Wij leggen tijdens het gesprek uit wat de diagnose is. Daar nemen we alle tijd voor. Uiteraard kunt u tijdens dit spreekuur al uw vragen stellen. Wij geven u zo goed mogelijk antwoord en bespreken de mogelijkheden voor behandeling en revalidatie.
Op de polikliniek is schriftelijke informatie aanwezig. U kunt de folders meenemen om thuis in alle rust nog eens door te nemen.
Nazorg
Soms zijn mensen opgelucht na een diagnose, omdat ze eindelijk weten wat er speelt. Tegelijkertijd verandert het toekomstperspectief en kan een minder goede diagnose leiden tot heftige emoties.
Wij bieden u de mogelijkheid voor een vervolggesprek. Sommige mensen doen dit liever met hun eigen neuroloog, anderen willen toch graag in gesprek gaan met onze specialisten. Wij nemen graag de tijd voor u.