English translation for this page is not available

Vorige

Kraakbeentransplantatie (IMPACT-behandeling)

Op deze pagina leest u meer over de IMPACT-behandeling. Bij deze behandeling worden er in één ingreep kraakbeencellen getransplanteerd van de eigen kraakbeencellen in combinatie met stromale cellen van een donor.

Meer informatie

Beschadiging van het kraakbeen in de knie

Het kraakbeen zorgt voor de soepele beweging van het gewricht. Als het kraakbeen beschadigd is, dan kan dat slotklachten geven (de knie schiet dan vast). Ruwe botoppervlakken bewegen dan tegen elkaar en gaan schuren. Dit geeft vervelende pijnklachten, vaak zwelling en kan op lange termijn tot ernstige klachten leiden.

Oorzaak

De oorzaak van de beschadiging is veelal een trauma, bijvoorbeeld een sportblessure of ongeval. Ook een harde val of flink stoten van de knie kan een beschadiging van het kraakbeen veroorzaken. Daarnaast kan het een gevolg zijn van een ziekte of medicijngebruik.

Behandeling van een kraakbeendefect

Als het defect zich uitbreidt, kunnen de klachten toenemen. Behandeling met medicijnen en fysiotherapie kunnen al goed helpen. Een groot kraakbeendefect kan veel pijn doen. Kraakbeentransplantatie kan dan een optie zijn. IMPACT staat voor Instant MSC Product accompanying Autologous Chondron Transplantation. Tijdens de operatie wordt het kraakbeendefect schoongemaakt. UIt het restafval worden kraakbeencellen geïsoleerd. Deze cellen worden gemengd met stromale beenmergcellen en daarna tijdens dezelfde operatie teruggeplaatst in het kraakbeendefect. Indien u interesse heeft in deelname aan het wetenschappelijk onderzoek, wordt u daarover door de studiearts geïnformeerd. U krijgt dan alle informatie over het doel van het onderzoek, wat er van u verwacht wordt en welke risico’s er aan verbonden zijn.

De IMPACT-behandeling wordt in studieverband uitgevoerd. Om hiervoor in aanmerking te komen, dient u minimaal aan bepaalde criteria te voldoen. De belangrijkste criteria zijn:

  • U heeft lokale schade in de knie, maar de rest van de knie is nog gezond.
  • U heeft geen kraakbeenschade op uw onderbeenbot.
  • U heeft geen (gevorderde) artrose.
  • Tenminste vijftig procent van uw meniscus is nog heel.
  • Uw knie is voldoende stabiel.
  • Uw knie heeft geen standsafwijking
  • U heeft geen andere ernstige problemen met uw rug, heupen of benen.
  • U bent niet zwanger.
  • U bent tussen de 18 en 45 jaar oud.
  • U heeft geen auto-immuunziekte.
  • U heeft de afgelopen zes maanden geen knieoperatie gehad.

Heeft u een kraakbeendefect en daarnaast nog ander letsel in de knie, overleg dan met uw behandelend orthopedisch chirurg wat de mogelijkheden zijn.

Diagnose stellen

Om u zo goed mogelijk te kunnen behandelen is het essentieel om een goede diagnose te stellen. Het kan zijn dat er in een ander ziekenhuis al een diagnose is gesteld of een operatie bij u is verricht. Wij zullen u echter weer volledig in kaart brengen om een goede diagnose te stellen en een behandelplan op te stellen.

Daarvoor zijn de volgende zaken van groot belang:

Anamnese

Er wordt gedetailleerd gevraagd wat uw klachten zijn. Deze klachten kunnen een grote invloed uitoefenen op uw persoonlijke omstandigheden, zoals dagelijkse bezigheden, werk, sporten en uw persoonlijke levenssfeer. We proberen dit allemaal goed in kaart te brengen. 

Lichamelijk onderzoek

Een uitgebreid lichamelijk onderzoek van de benen is een standaard onderdeel van het eerste polibezoek.

Röntgenfoto

Om een goede diagnose te kunnen stellen, is aanvullend onderzoek nodig, zoals een röntgenfoto. Soms zijn dergelijke onderzoeken al in een ander ziekenhuis verricht en is het niet noodzakelijk om deze opnieuw te doen. Wij verzoeken u dan ook om al het beschikbare beeldmateriaal van uw knie aan ons te verstrekken; het liefst al voor het eerste polibezoek, zodat wij ons goed kunnen voorbereiden. Het kan zijn dat we een onderzoek herhalen, bijvoorbeeld als het beeldmateriaal te gedateerd is.

Behandelopties bespreken

Als de diagnose gesteld is worden de verschillende behandelopties met u doorgenomen. Dit is bij voorkeur al aan het einde van het eerste polibezoek. In overleg met u wordt de, voor dat moment, beste behandeling bepaald.

Informed consent & formulieren

De IMPACT-behandeling wordt alleen in studieverband uitgevoerd. Indien u interesse heeft in deelname aan het wetenschappelijk onderzoek, wordt u daarover geïnformeerd door een studiearts. Hier krijgt u alle informatie over het doel van het onderzoek, wat er van u verwacht wordt, en welke risico’s er aan deelname verbonden zijn. Daarnaast bespreekt de studiearts de informatie over deze operatie met u, zodat u optimaal bent voorgelicht over de operatie zelf, de gang van zaken rondom de operatie, het revalidatieproces, het te verwachten resultaat en de mogelijke complicaties. Indien u akkoord gaat met de operatie wordt u gevraagd schriftelijk toestemming te geven voor de behandeling; dit heet informed consent. Er zal dan ook een operatieformulier worden ingevuld door uw arts om alles rondom de operatie in gang te zetten.

Vooruitgang op kniegebied

Wanneer u voor het eerst op de Mobility Clinic kniepoli komt vragen we u mee te doen aan 'Het knieregister'. Het UMC Utrecht is continue bezig met wetenschappelijk onderzoek naar de ontwikkeling en verbetering van nieuwe en bestaande behandelingen. Om deze onderzoeken te kunnen uitvoeren is het van groot belang dat er gegevens worden verzameld. Daarom hebben we op de Mobility Clinic het knieregister opgezet. Hierin worden enkele medische gegevens en de resultaten van online vragenlijsten die u tijdens uw behandeling ontvangt, opgenomen. De online vragenlijsten gaan over uw knie en behandeling, en zijn onderdeel van uw standaard zorg. Hiermee kunnen wij in de gaten houden hoe het gaat. U kunt er ook voor kiezen om niet met het knieregister mee te doen, maar alleen met de vragenlijsten. Uw gegevens worden dan niet voor onderzoek gebruikt. U mag er ook voor kiezen om met beiden niet mee te doen.

Uitleganimatie vragenlijsten

Uw lichaam

De knie is een scharniergewricht. Het bestaat uit vier botdelen: het scheenbeen met kuitbeen, het dijbeen en de knieschijf. De uiteinden van het kniegewricht zijn bedekt met een laagje kraakbeen. Deze kraakbeenlaag is elastisch en vangt schokken en stoten op, zodat de knie soepel beweegt. Aan de binnen- en buitenzijde van de knie zit de meniscus. Dit is een soort stootkussen dat van belang is voor schokdemping en stabiliteit. Midden in het kniegewricht ligt de voorste kruisband. Deze zorgt ervoor dat u stabiel kunt lopen en staan. Aan de voorzijde zit de knieschijf, die helpt bij buigen, strekken en kracht zetten.

Voorbereiding

Vooronderzoek door anesthesist 

Voordat u de operatie ondergaat, wordt u nog een keer onderzocht door de anesthesist. Dit is de medisch specialist die zal zorgen voor de verdoving tijdens de operatie en goede pijnstilling na de operatie. Het vooronderzoek: de Pre-Operatieve Screening (POS) vindt plaats op de POS-poli (route L, receptie 30 op de 2e etage). Het vooronderzoek bestaat uit een gesprek, lichamelijk onderzoek, een gezondheidsvragenlijst en indien nodig aanvullend onderzoek 

Wat neemt u mee naar het ziekenhuis?

    • verzekeringspolis ziektekosten;
    • legitimatiebewijs;
    • afsprakenkaart of -brief;
    • alle medicijnen die u gebruikt in de bijbehorende verpakking (ook de medicijnen die niet door een arts zijn voorgeschreven zoals drogistartikelen);
    • een actueel overzicht van de medicijnen die u gebruikt (eventueel zelf op te vragen bij uw eigen apotheek);
    • dieetvoorschriften;
    • op de dag van de operatie gaat u al oefenen met uit bed komen en lopen. Neem daarom ruim zittende kleding mee welke u gemakkelijk aan en uit kunt trekken, bijvoorbeeld een korte sportbroek of trainingsbroek;
    • persoonlijke artikelen (zoals bijvoorbeeld nachtkleding, toiletartikelen, kamerjas, pantoffels, ondergoed, leesbril, boek, tijdschrift, schrijfspullen, handwerk of spelletje, wat geld (maar niet te veel);
    • loophulpmiddel.

Het is verstandig waardevolle spullen en sieraden thuis te laten.  

Voorbereidingen thuis 

Hieronder staan verschillende zaken die u misschien nodig heeft en vóór de opname moet regelen. Mocht dit niet lukken, geeft u dit dan tijdig door aan een verpleegkundige van de verpleegafdeling.  

    • Probeer in uw omgeving hulp te regelen, bijvoorbeeld van uw partner, familie, vrienden of buren. Zij kunnen nodig zijn voor vervoer of hulp in huishoudelijk werk, maar zijn ook belangrijk om alle informatie op te slaan. Twee personen onthouden meer dan één!
    • Huren of kopen van elleboogkrukken. Dit kan bij de thuiszorg, kruisvereniging of bij een particuliere instantie. Deze krukken dient u mee naar het ziekenhuis te nemen.
    • Kopen van een lange schoenlepel.
    • Soms is een krukje of stoel in de douche nuttig. Plaats eventueel handgrepen in de douche en het toilet.
    • Zorg voor een hoge stoel met leuningen en goede zithoogte. Dit betekent dat uw knieën negentig graden gebogen zijn. Uw voeten moeten op de grond kunnen staan. Vraag eventueel de thuiszorg om advies.
    • Zorg voor stevige schoenen, die goed om uw voet sluiten. Instappers zijn handig.
    • Zorg ervoor dat u paracetamol in huis heeft.
    • Zorg voor een toiletverhoger en eventueel blokken voor onder uw bed om het bed op stoelzithoogte te brengen. Deze zijn verkrijgbaar bij de thuiszorg of kruisvereniging. Het hangt van uw persoonlijke situatie en bijvoorbeeld van uw lichaamslengte of u deze hulpmiddelen nodig heeft.
    • Zorg ervoor dat u thuis straks voldoende ruimte heeft om met krukken te lopen. Haal tijdelijk losse kleden en extra meubilair weg en verklein daarmee het valrisico.
    • Meldt u aan bij de thuiszorgorganisatie in uw omgeving en bespreek wat de mogelijkheden zijn. Geef hen de datum van de ziekenhuisopname en uw thuiskomst door, zodra u die weet. Een aantal afspraken met de thuiszorg zijn vaak pas tijdens de opname mogelijk.
    • Verwijder vóór de operatie make-up of nagellak.
    • Gebruik geen crème of bodylotion vanaf een dag voor de operatie.
    • Ontdekt u een wondje aan een van uw benen, bent u ziek of onzeker of u de operatie wel door moet laten gaan, neem dan tijdig contact op met de polikliniek orthopedie. De medewerker van de polikliniek overlegt dan met u en de arts wat u het beste kunt doen.
    • Zorg dat u alvast een paar keer fysiotherapie heeft gehad voor uw knie. U bent dan goed voorbereid op de revalidatie na de operatie.
    • Leer alvast lopen met krukken en oefen de voorgestelde oefeningen.

De operatiedag 

U ontvangt thuis een brief over de operatie. U wordt geopereerd door een orthopedisch chirurg van ons knieteam. Het kan zijn dat de naam van de operateur dan nog niet bekend is. Een orthopedisch chirurg in opleiding zal mogelijk, onder directe supervisie, een deel van de handelingen uitvoeren. 

Op de dag van de operatie kunt u zich melden bij de balie van de verpleegafdeling die in de brief staat aangegeven. 

Daar legt de verpleegkundige kort uit hoe de opname eruit zal zien en wat u kunt verwachten. In dit gesprek kunt u ook zelf nog vragen stellen aan de verpleegkundige. Voor u naar het operatiecomplex gaat komt er nog een orthopedisch chirurg (in opleiding) bij u langs om wat laatste operatie specifieke informatie met u door te nemen. 

U moet nuchter zijn voor de operatie. Dat betekent dat u tot zes uur voor de operatie normaal mag eten en drinken. Tot twee uur voor de operatie mag u alleen de volgende heldere vloeibare dranken drinken: water, thee (met suiker, geen melk!) of aanmaaklimonade. 

U neemt ’s ochtends uw medicijnen in, tenzij de anesthesioloog anders met u heeft afgesproken (eventueel met een slokje water). Op de verpleegafdeling krijgt u ook alvast medicijnen tegen de pijn welke u mag innemen. Kort voordat u naar het operatiecomplex gaat wordt u gevraagd naar het toilet te gaan om goed uit te plassen. 

Wanneer het tijd is voor de operatie brengen de verpleegkundigen u naar het operatiecomplex. U komt binnen in de voorbereidingsruimte, ook wel holding genoemd. Hier worden nog een aantal laatste controles uitgevoerd en wordt er een infuus geprikt. Via dit infuus krijgt u medicijnen om misselijkheid tijdens en na de operatie te voorkomen, pijnstillers en antibiotica. Het kan even duren voordat u naar de operatiekamer gaat. Meestal wachten in de voorbereidingsruimte ook andere patiënten op hun ingreep.

Tijdens de behandeling

De operatie duurt ongeveer anderhalf uur. U krijgt de verdoving die afgesproken is. Na toediening van de verdoving, wordt uw knie gedesinfecteerd en steriel afgedekt met lakens. De arts maakt aan de voorkant van de knie een verticale snee. Voordat de IMPACT-behandeling begint, zal de chirurg checken of u volledig voldoet aan de voorwaarden die tijdens de operatie worden bepaald. De knie zal daarom eerst worden geïnspecteerd en daarbij wordt gekeken of het defect groter is dan 2 cm2 en kleiner dan 8 cm 2 , het defect niet doorloopt tot in het bot, de kniebanden stabiel zijn en minimaal 50 procent van de meniscus nog heel is. 

Binnenin de knie maakt de arts het kraakbeendefect schoon en klaar voor het terugplaatsen van de kraakbeencellen. Bij dit opschonen ontstaat er restafval dat uit kraakbeencellen (chondronen) bestaat. Dit vormt de basis voor het eindproduct. Ook geeft de chirurg door wat de grootte van het defect is, het eindproduct wordt hier namelijk op aangepast. De kraakbeencellen worden heel klein gesneden en met een vloeistof in een buisje gedaan. Na het centrifugeren worden de losse kraakbeencellen gemengd met de stromale beenmergcellen van donoren en daarna wordt een speciale fibrinelijm toegevoegd. De concentratie van dit mengsel hangt af van de grootte van het defect. Als het eindproduct klaar is, zal dit in het defect worden geplaatst. Daarna sluit de arts de wond met hechtingen. Na de operatie krijgt u een drukverband van watten en een elastische zwachtel om uw knie. Dit is nodig om wondzwelling te voorkomen.

Behandeling kraakbeentransplantatie

Let op: in deze video wordt verwezen naar de first-in-man study. Dit is de in het verleden uitgevoerde eerste IMPACT-studie. Nu zullen wij de tweede IMPACT-studie uitvoeren, maar met dezelfde procedure.

Na de behandeling

Na de operatie 

Na de operatie gaat u naar de uitslaapruimte (recovery). In de uitslaapruimte krijgt u intensieve controle en behandeling waar nodig. Het is normaal dat u (enkele dagen) na de operatie pijn heeft. Tevens kan er een doof gevoel zijn rondom het litteken. Dit ontstaat als er kleine huidzenuwen worden doorgenomen bij het maken van de huidsnede. Dit is niet te voorkomen. Het dove gevoel kan na een tijd weer verdwijnen. Op de operatiedag en de dag na de operatie krijgt u pijnstilling. De anesthesioloog bepaalt welke vorm van pijnstilling u krijgt. Vermindert de pijn door medicatie onvoldoende, vertelt u dit dan tijdig aan een verpleegkundige. Deze kan uw arts vragen een ander medicijn voor te schrijven.   

De dag van de operatie komt de fysiotherapeut van het UMC Utrecht bij u op de uitslaapkamer. Hij/zij geeft adviezen omtrent de revalidatie na de operatie en u oefent onder leiding van de fysiotherapeut het bewegen van uw knie. Daarnaast zal er een reumatoloog langskomen, die zal beoordelen of er een (allergische) reactie is op het IMPACT-product. Indien het verder goed met u gaat, mag u dezelfde dag naar huis, wanneer de pijn goed onder controle is en u goed in staat bent u voort te bewegen met behulp van krukken. Bij ontslag krijgt u van de fysiotherapeut het revalidatieprotocol mee voor de behandelend fysiotherapeut na uw opname.   

Voor uw ontslag neemt een verpleegkundige nog enkele praktische zaken met u door, zoals de datum van de controleafspraak (voor het maken van de controleafspraak kunt u telefonisch contact opnemen met de polikliniek orthopedie) en het medicijngebruik. Het is raadzaam dat er iemand uit uw omgeving bij dit gesprek aanwezig is. Eén week na ontslag komt u op de poli van de reumatoloog en de studiearts. Vier weken na ontslag wordt u verwacht op de kniepoli ter controle van de knie. 

Uw lichaam moet na de operatie herstellen, het is normaal dat u na de operatie pijn heeft.  

De nabehandeling 

Zoals bij elke chirurgische ingreep moet uw lichaam na de operatie herstellen. U dient een revalidatieprogramma te volgen. Daarbij zult u een aantal weken met krukken moeten lopen om de knie te ontlasten. Daarnaast is heropbouw van coördinatie en spierkracht noodzakelijk. Het revalidatieprogramma krijgt u van ons voor u naar huis gaat. Voor een optimaal herstel is het belangrijk dat u zich goed aan het opgegeven programma houdt. Uw fysiotherapeut kan u hierbij helpen.

Mogelijke complicaties 

Het is normaal dat u enkele dagen na de operatie pijn heeft. Ondanks alle zorg die u en wij aan voorbereiding en de operatie besteden, kunnen er toch complicaties optreden.

    • Er bestaat een kans op infectie van het gebied om de wond heen.
    • Een nabloeding van de wond kan optreden.
    • Soms is het buigen van de knie niet goed mogelijk en doet een buiging pijn.
    • Er is een kans op trombose. Er wordt u een injectie gegeven om de kans hierop te verkleinen, maar er blijft een kans hierop.

Er is een aantal situaties waarin u direct contact op moet nemen met uw behandelend arts. Neem contact op met de verpleegafdeling orthopedie als:

    • Er (meer) vocht uit de wond komt.
    • Roodheid of zwelling en pijn aan de operatiewond toeneemt.
    • De functie van de knie sterk achteruit gaat.
    • U een lichaamstemperatuur van meer dan 38,5°C heeft en u daar geen goede verklaring voor heeft en dit in combinatie met één van bovenstaande verschijnselen optreedt.

Bij twijfel kunt u ook contact opnemen met uw huisarts. 

Controlemomenten 

Na de operatie zijn er verschillende controlemomenten. Na een week en rond vier weken na de operatie moet u terugkomen voor een bloedonderzoek, een lichamelijk onderzoek door de reumatoloog en een lichamelijk onderzoek met wondcontrole door de orthopeed of studiearts.
Op drie maanden, zes maanden en na een jaar is er ook een controlemoment bij de onderzoeksarts en ontvangt u een e-mail met een uitnodiging voor een digitale vragenlijst. Na zes maanden en 1,5 jaar wordt u verzocht terug te komen voor het maken van een MRI. Deze MRI wordt gemaakt om te zien of het kraakbeen goed geneest. Ook op deze momenten ontvangt u ook een uitnodiging voor een digitale vragenlijst.

Vervolg

Het is normaal dat u de dagen na de operatie pijn heeft. De nabehandeling van een fysiotherapeut is essentieel om de knie weer goed te kunnen gebruiken en de kans op terugkerende klachten te verkleinen.   

Er is een aantal oefeningen die u kunt doen om uw revalidatie te versnellen na de operatie. De oefeningen en bijbehorende revalidatieschema's vindt u op onderstaande oefeningenpagina's. Deze zijn ook te vinden in de Mobility Clinic App (Apple en Android). Doe deze oefeningen alleen in overleg met uw eigen fysiotherapeut. Oefeningen en revalidatieschema's:

Hebt u vragen?

Mobility clinic app

Download gratis de Mobilty Clinic app (Apple en Android) voor video's, achtergrondinformatie en oefeningen. De app biedt ondersteuning tijdens het gehele behandeltraject. Bij instellingen kunt u “kraakbeentransplantatie” aanvinken en uw operatiedatum selecteren. 

Polikliniek

Verpleegafdeling

Afspraak

Als u een afspraak wilt maken bij Mobility Clinic, heeft u een verwijzing nodig van uw huisarts of specialist.

Contact en vragen

Hebt u na het lezen van deze informatie nog vragen? Neem dan contact op via Mobility Clinic.