Uit nieuwe verzamelde cijfers van zorgverzekeraars blijkt dat meer kinderen dan eerder werd aangenomen met een chronische ziekte of handicap leven. Dit is gemeten op basis van verzekeringsdeclaraties. 27% van de kinderen in Nederland heeft een chronische ziekte of een handicap. Dat is één op de vier kinderen.

Naast veelvoorkomende aandoeningen, zoals astma en chronische bronchitis, zijn er ook 6.000 à 8.000 zeldzame, vaak erfelijke ziekten, die tot uiting komen op de kinderleeftijd. Veel van deze aandoeningen hebben een chronisch en progressief verloop.

Verandering nodig

De huidige geneeskundige zorg in Nederland voor kinderen en jongeren met complexe chronische aandoeningen loopt sterk achter bij hun zorgbehoefte voor de toekomst. De inhoud en de organisatie van de zorg voor deze kwetsbare groep moet ingrijpend veranderen om het verschil te maken tussen meedoen en gedwongen aan de kant staan. Wat op dit moment helaas nog te vaak het geval is. Een welvarende maatschappij als ons land kan en mag dat laatste niet laten gebeuren. Elk talent in een vergrijzend land als Nederland is hard nodig.

Betere levensverwachting

Gelukkig is er voor kinderen met chronische ziekten veel verbeterd. De levensverwachting van kinderen met taaislijmziekte is aanzienlijk toegenomen.  In de jaren vijftig werden kinderen met deze ziekte amper tien jaar oud. Anno 2019 hebben deze patiënten een levensverwachting van vijftig jaar. Dit dankzij wetenschappelijk onderzoek.  Voor kinderen met hartaandoeningen ziet de toekomst er ook veel beter uit dan voorheen. Ook voor kinderen met kanker lijkt een normale levensverwachting in de toekomst haalbaar.

Nieuwe complicaties op lange termijn

Deze wetenschappelijke innovaties zijn beschikbaar voor ieder kind, maar tegelijkertijd is de zorgbehoefte van kinderen en jongeren drastisch veranderd. De sterke verbetering van de levensverwachting vraagt om toenemende aandacht voor wat deze patiënten nog te wachten staat. Er komen nieuwe langetermijncomplicaties van ziekten boven water. Zo ontstaan er hartritmestoornissen op volwassen leeftijd na hartoperaties op de kinderleeftijd en ontwikkelt 40 procent van de kinderen met taaislijmziekte op volwassen leeftijd diabetes. Maar ook de gevolgen van behandeling met geneesmiddelen bij kinderen met bijvoorbeeld jeugdreuma op de functie van de lever, nieren en longen in de volwassenheid zijn nog maar nauwelijks bekend.

Een kwart van de kinderen met een chronische ziekte is ernstig vermoeid, ook al is de ziekte onder controle. Deze moeheid wordt bepaald door pijn, somberheid en angst. Aandacht voor deze psychosociale gevolgen en de identiteitsvorming richting de volwassenheid is dringend nodig om ook als chronisch ziek kind en volwassene erbij te horen.

Beleid aanpassen

Niet alleen in het nu, maar ook in de toekomst: wat is er nu nodig om straks die gelukkige autonome volwassene te worden? Deze verandering van denken over de gezondheidszorg moet leiden tot een aanpassing in het politiek beleid ten aanzien van chronisch zieke kinderen.

Deze investering vraagt om een andere focus. Niet alleen op ziekte, maar ook op de langetermijngevolgen van ziekte. Langdurige follow-up en verzameling van patiëntendata moeten het mogelijk maken om nu te voorspellen hoe het later met de patiënt zal gaan. Daarom is het noodzakelijk dat kinder- en volwassenartsen een langdurige samenwerking in multidisciplinaire teams aangaan. Deze verandering van focus vraagt om een aangepaste financiering door verzekeraars en om een fundamentele wijziging van de opleiding tot arts. De huidige zorg voor kinderen en jongeren in Nederland is nog niet voorbereid op langetermijncomplicaties van noodzakelijke ingrepen die op jonge leeftijd zijn gedaan.

Investeren

Nu investeren in de zorg voor deze kinderen biedt op drie momenten een betere kwaliteit van leven: in het nu, in hun toekomst als volwassene en voor de volgende generatie, namelijk wanneer deze kinderen zelf ouders worden.

En dat betekent een aanpassing in het zorgstelsel. Investeren in levensloopzorg betekent investeren in langere termijn gezondheidswinst met een hogere sociale en arbeidsparticipatie van chronisch zieke mensen tot gevolg. Want elk talent in een vergrijzend land als Nederland is hard nodig.

Dit opiniestuk is geschreven door Elise van de Putte, hoogleraar Lifecycle Pediatrics, en Kors van der Ent, hoogleraar Kinderlongziekten. Beiden zijn verbonden aan het UMC Utrecht.

Laat het ons weten als je vragen, opmerkingen of reacties voor de redactie hebt.

Reageer op dit artikel

Dit is een verplicht veld Dit is geen juist e-mailadres Dit is een verplicht veld Dit is een verplicht veld

    Lees meer verhalen

    Ontdek en verdiep je in onze onderwerpen