Vorige

Dotterbehandeling (hart)

Een dotter- en stentbehandeling heft vernauwingen op in de kransslagaders van uw hart. Het is een veelvoorkomende behandeling.

Meer informatie

De hartspecialist (interventiecardioloog) brengt via de slagader in uw pols of uw lies een katheter (een dun, buigzaam en hol slangetje) naar de vernauwing in de slagader. Via de katheter brengt de arts een ballonnetje naar de plek waar uw slagader vernauwd is. Dit ballonnetje wordt opgeblazen (dotteren) waardoor de vaatwand oprekt. Zo wordt de vernauwing opgeheven en de slagader wijder gemaakt.

In bijna alle gevallen plaatst de arts daarna een stent. Een stent is een soort balpenveertje van metaal dat voorkomt dat uw slagader terugveert en zich opnieuw vernauwt. Op de stent zit een medicijn dat voorkomt dat de stent van binnen dichtslibt.

Dotterbehandeling

Behandelteam

Meedoen aan wetenschappelijk onderzoek

We weten nog lang niet alles over hart- en vaatziekten. Wetenschappelijk onderzoek is hard nodig om meer kennis over ziekten op te doen en behandelmogelijkheden te verbeteren. In het hart- en vaatcentrum doen we daarom veel onderzoek naar hart- en vaatziekten en behandelingen.

Bij ons onderzoek kunnen we niet zonder de hulp van patiënten.

Daarom vragen wij een groot deel van onze patiënten om deel te nemen aan wetenschappelijk onderzoek. Deelname is uiteraard vrijwillig en kan alleen na uw schriftelijke toestemming. U kunt altijd weigeren, zonder dat dit gevolgen heeft voor de zorg voor u.

Voorbereiding

Verpleegkundig telefonisch consult

een verpleegkundige van de afdeling hartkatheterisatie belt u voorafgaand aan de opname voor de dotterbehandeling. Tijdens dit spreekuur geeft de verpleegkundige u uitleg en informatie over de dotterbehandeling en kunt u vragen stellen.

Op de opnamedag zelf spreekt een verpleegkundige de behandeling nog een keer kort met u door. Wanneer u nerveus bent, kun u een kalmerend middel krijgen.

Onderzoeken

Bij opname vinden er aan aantal onderzoeken plaats:

Tips voor het gesprek over de behandeling

Met deze aandachtspuntenlijst kunt u zich voorbereiden op het gesprek met de zorgverlener over uw behandeling. 

Lees meer
Vrouw kijkt op telefoon

Wat moet u meenemen?

Hebt u een afspraak in het UMC Utrecht of wordt u opgenomen? Neem dan het volgende mee.

Lees meer

Tijdens de behandeling

De behandeling

De behandeling begint met een plaatselijke verdoving op de plek waar de katheter ingebracht wordt. Via een slagader in uw pols of lies, brengt de hartspecialist (interventiecardioloog) een katheter (een dun, buigzaam en hol slangetje) naar de vernauwde kransslagader van uw hart. Door deze holle katheter brengt de arts een draad naar binnen. De draad brengt hij in de kransslagader tot voorbij de vernauwing.

Dotteren

Over de draad schuift de arts een ballonnetje naar de plek van de vernauwing. Daar wordt het ballonnetje opgeblazen. U kunt een beetje druk op uw borst voelen als het ballonnetje uw kransslagader tijdelijk afsluit. Dit hoort bij de behandeling en duurt maar kort.

Plaatsen van een stent

In de meeste gevallen plaatst de arts ook een stent. Een stent is een soort balpenveertje van metaal. Een stent geeft uw vaatwand extra ondersteuning en voorkomt dat uw bloedvat na het dotteren weer terugveert. We gebruiken stents met medicijnen (drug eluting stents) om te voorkomen dat een stent verstopt raakt. We kunnen niet altijd een stent plaatsen, bijvoorbeeld wanneer het bloedvat te klein is.

Duur van de behandeling

de behandeling vindt plaats op de hartkatheterisatiekamer (HCK) en duurt ongeveer twee  uur.

Na de behandeling

Na de behandeling

Na de behandeling brengt de verpleegkundige een drukverband aan totdat het gaatje in uw slagader dicht is. Wanneer de dotterbehandeling heeft plaatsgevonden via uw polsslagader, lijkt dit drukverband op een horlogebandje. De verpleegkundige laat ieder uur wat lucht uit dit bandje net zo lang totdat het gaatje in uw slagader dicht is. Dit duurt ongeveer vier uur.

Wanneer de dotterbehandeling via uw liesslagader is gedaan, zijn er drie mogelijkheden:

  • De opening in het bloedvat in uw lies wordt handmatig in dertig minuten dichtgedrukt waarna u een strak verband (drukverband) krijgt. 
  • De opening in het bloedvat in uw lies wordt dichtgedrukt met behulp van een ‘plastic bol’, die wordt opgepompt. Stapsgewijs wordt deze bol weer leeggelaten. Hierna krijgt u een drukverband.
  • Het gaatje in het bloedvat wordt gesloten met een speciaal afsluitsysteem. De arts plaatst dan een eiwitpropje op het gaatje in het bloedvat. Daarna wordt een drukverband aangelegd.

Als u pijn op uw borst voelt na de behandeling moet u dit melden aan de arts of de verpleging.

Mogelijke bijwerkingen

U kunt soms bijwerkingen krijgen van de medicijnen of van de contrastvloeistof die is gebruikt tijdens of na de dotterbehandeling. De klachten variëren van uitslag tot erge jeuk.
Hebt u hier last van, meld het aan de verpleegkundige of aan uw huisarts.

Mogelijke complicaties

Zelfs als een behandeling helemaal goed is gedaan (“volgens het boekje”), kunnen er problemen ontstaan. Zulke problemen noemen we complicaties.

De volgende complicaties kunnen voorkomen:

  • ritme- en geleidingsstoornissen
  • (tijdelijke) pijn op uw borst
  • overgevoeligheidsreactie op de contrastvloeistof (huiduitslag)
  • een bloeduitstorting, bloeding of ontsteking bij de aanprikplaats

Zelden treden de volgende complicaties op:

  • perforatie van de vaatwand waardoor een inwendige bloeding optreedt
  • overbelasting van de bloedsomloop waardoor kortademigheid ontstaat
  • het losraken van een klein bloedpropje wat kan leiden tot een hartinfarct of herseninfarct.

Terug op de verpleegafdeling

Na de behandeling gaat u terug naar de afdeling.

De verpleegkundige controleert:

  • uw bloeddruk
  • de plaats waar de slagader is aangeprikt
  • de doorbloeding van uw voeten als uw lies is aangeprikt
  • de doorbloeding van uw handen en vingers als uw pols is aangeprikt

Als u bent aangeprikt in de lies moet u enkele uren rustig plat op uw rug blijven liggen, zodat het bloedvat kan herstellen. Als de zaalarts uw lies heeft gecontroleerd mag u weer uit bed. 

Als u bent aangeprikt via de pols hoeft u niet in bed te blijven liggen. U krijgt een drukverband om de pols en een draagdoek (mitella) voor de arm.

Eten en drinken

U mag direct na het onderzoek weer iets eten en drinken. Wij adviseren u veel te drinken om de resten van de contrastvloeistof uit uw lichaam te verwijderen. Overleg dit met de verpleegkundige.

Opnameduur

Vaak blijft u een nachtje ter observatie in het ziekenhuis. De volgende ochtend mag u naar huis. Voordat u naar huis gaat controleert de arts uw lies of pols en u ontvangt van de verpleegkundige de ontslagpapieren.

Wachttijden

Laatst bijgewerkt: 17-03-2020

Wachttijd dagopname dotterbehandeling : 17 dagen

Belangrijk

Dit is de gemiddelde wachttijd. De wachttijd kan per patiënt verschillen. Het is afhankelijk van de reden voor verwijzing.

Hebt u vragen?

Hebt u vragen? Neem dan contact op met het secretariaat van de afdeling hartkatherisatiekamer.

De afdeling is bereikbaar van 09.15 tot 17.00 uur

Arts en verpleegkundige aan het bed bij een patiënt

Polikliniek

Verpleegafdeling

Ziektebeeld