Vorige

Vervroegde overgang
(POI/POF)

Wanneer uw menstruatie voor uw veertigste jaar stopt terwijl deze voorheen normaal geweest is, bent u te vroeg in de overgang gekomen. Dit verschijnsel noemen we ook 'primaire ovariële insufficiëntie'(POI) of 'prematuur ovarieel falen'(POF). De vroege overgang ontstaat doordat de eierstokken niet meer werken. Er groeien geen eiblaasjes meer en er vindt geen eisprong meer plaats.

Mijn patiënt doorverwijzen

Symptomen

Normaal gesproken komt u als vrouw in Nederland zo tussen uw veertigste en zestigste in de overgang. Maar bij ongeveer een op de honderd vrouwen stopt de menstruatie al vóór haar veertigste. U hebt een vervroegde menopauze als u de volgende verschijnselen hebt:

  • uw menstruatie blijft tenminste vier maanden uit;
  • De concentratie FSH-hormoon is te hoog. FSH staat voor Follikel Stimulerend Hormoon, dat de groei en rijping van eiblaasjes stimuleert.

Vaak merkt u pas iets als u stopt met de pil. Uw menstruatie komt niet terug, terwijl u niet zwanger bent. Typische overgangsklachten als opvliegers, slecht slapen, stemmingswisselingen, droge huid en droge vagina komen ook voor. Deze klachten hangen samen met een tekort aan het vrouwelijk hormoon (oestrogenen). Door uw jonge leeftijd denkt u misschien niet aan een vervroegde overgang. De diagnose 'vervroegde overgang' komt daarom vaak onverwachts en kan hard aankomen. Naast de korte termijn gevolgen (uitblijven van uw menstruatie, de klachten en onvruchtbaarheid) zijn er ook gezondheidsrisico's voor later.

Wat is er aan de hand bij een vervroegde menopauze?

De eicelvoorraad in uw eierstokken neemt in de loop van uw leven af. Bij de geboorte bevatten de eierstokken gemiddeld 1-2 miljoen eicellen en bij uw overgang zijn er nog ongeveer 1000 eicellen over. Als er onvoldoende eicellen aanwezig zijn, hebt u geen menstruatiecyclus meer. Bij een vervroegde menopauze is de eicelvoorraad al op jongere leeftijd uitgeput. 

Oorzaken

Waardoor is de eicelvoorraad vervroegd opgeraakt?

  • Door ziekte;
    Bijvoorbeeld door behandeling tegen kanker (chemotherapie of bestraling) , verwijdering van een of beide eierstokken, een uitgebreide ontsteking in de buik of endometriose.
  • Chromosoomafwijking;
    Soms is een chromosoomafwijking de oorzaak, bijvoorbeeld bij het Syndroom van Turner en het 'fragiele-X-syndroom’. Bij deze aandoeningen kan de eicelvoorraad bij de geboorte al minder groot zijn.
  • Familiaire oorzaak;
    Een vervroegde overgang kan ook in de familie voorkomen, wat wijst op een genetische oorzaak. Dan hebt u meer kans om zelf ook vervroegd in de overgang te komen.
  • Auto-antistoffen.
    Sommige vrouwen met een vervroegde menopauze hebben een verhoogde concentratie auto-antistoffen. Deze antistoffen kunnen zich richten op het eierstokweefsel. Hierdoor kan ook een stoornis in de werking van de bijnier of de schildklier ontstaan. U moet hierop gecontroleerd worden.

Helaas is er meestal (nog) geen verklaring voor de uitputting van de eicelvoorraad te vinden.

Onderzoek en diagnose

Om vast te stellen of u vervroegd in de overgang bent, kunnen we de volgende onderzoeken doen:

  • Bloedonderzoek;
    Wanneer u gedurende langere tijd niet meer menstrueert is het zinvol om de hormoonwaarde te onderzoeken via bloedonderzoek. Als u nog een paar keer per jaar menstrueert, is er mogelijke meerdere keren bloedonderzoek nodig. Ook dient er chromosoom onderzoek plaats te vinden.
  • Onderzoek naar werking schildklier;
    Uw arts kan de werking van uw schildklier laten onderzoeken om na te gaan of er afweerstoffen tegen de schildklier of andere organen zijn.
  • DEXA-meting.
    Een DEXA-meting is een botdichtheidsmeting. Bij een vroege overgang is het risico op botontkalking groter. Tijdens dit onderzoek wordt een röntgenopnamen gemaakt van de heup en het laagste deel van de wervelkolom.

Behandeling

De behandeling van een vervroegde overgang is gericht op het verminderen van de overgangsklachten:

  • Leefwijze
    Een gezonde leefwijze - niet roken, gezond eten en voldoende lichaamsbeweging - is de belangrijkste manier om uw overgangsklachten te verminderen. Daarmee verkleint u de kans op botontkalking (osteoporose) en hart- en vaatziekten op latere leeftijd. Het is belangrijk dat u voldoende kalk gebruikt: vier of vijf zuivel- of kaasproducten per dag. Lichaamsbeweging waarbij u uw botten belast stimuleert de aanmaak van bot; lopen (ook wandelen) helpt tegen osteoporose, zwemmen niet.
  • Hormonen
    Hormonen onderdrukken effectief hinderlijke overgangsklachten. Wij adviseren u om hormonen te gebruiken totdat u 51 jaar bent. Deze helpen uw overgangsklachten te verminderen of te laten verdwijnen. Wanneer u met de hormonen stopt, komen de klachten meestal weer terug, soms in mindere mate. Er zijn ook tabletten zonder hormonen die opvliegers kunnen verminderen.
  • Middelen tegen botontkalking
    Bij een lage botdichtheid of een versnelde botafbraak kunt u naast hormonen ook specifieke botversterkende middelen (bisfosfonaten of SERMs) gebruiken. Bespreek de mogelijkheden met uw gynaecoloog.

Meer informatie

Wat u zelf kunt doen

De vroege menopauze veroorzaakt tijdelijke en blijvende veranderingen in uw lichaam. Goede voeding en voldoende beweging zijn erg belangrijk om deze veranderingen op te vangen. Daarnaast raden we u aan om langdurig hormonen te gebruiken die uw eigen tekort aanvullen. Hierdoor verminderen uw klachten en kunt u ziektes als botontkalking en hart- en vaatziekten tegengaan. Het is noodzakelijk dat u zich regelmatig laat controleren. Hebt u een kinderwens dan kunt u eventueel andere mogelijkheden overwegen zoals eiceldonatie of adoptie.

Vooruitzichten

Als u vervroegd in de overgang bent is dat een risicofactor voor het krijgen van hart- en vaatziekten. Een risicofactor is een factor die de kans groter maakt dat u een bepaalde ziekte krijgt, of (als u die ziekte al hebt) dat deze verergert.

Voor hart- en vaatziekten is er een heel lijstje van risicofactoren. Naast een vervroegde overgang zijn onder meer slagaderverkalking en een chronische hoge bloeddruk ook bekende risicofactoren.

Emotionele gevolgen

Praten over verdriet helpt bij het verwerken. Praat met uw partner en goede vrienden. Ook lotgenoten. Internetfora en patiëntenverenigingen, zoals Freya, bieden veel steun. Niet iedereen verwerkt verdriet op dezelfde manier, soms hebt u hulp nodig van een psycholoog of therapeut om u er weer bovenop te komen. Wacht daar niet te lang mee. 

Meer informatie

Er zijn verschillende websites met informatie over vervroegde overgang. Wij raden u de volgende website aan:

Hebt u vragen?

Wilt u een afspraak maken of hebt u vragen? Neem dan contact op met de polikliniek gynaecologie.

088 755 88 80

De afdeling is bereikbaar van 08.00 - 16.00 uur

Polikliniek