Vorige

Operatie bij slokdarmkanker

Meestal wordt slokdarmkanker pas vrij laat ontdekt. De beste oplossing is dan om de slokdarm te verwijderen. Dat gebeurt met een chirurgische behandeling: een operatie dus. Met de operatie haalt de chirurg het tumorweefsel weg.

Meer informatie

Wat moet u meenemen?

Hebt u een afspraak in het UMC Utrecht of wordt u opgenomen? Neem dan het volgende mee. >

Leefregels

Eten en gewicht

Goede voeding is onmisbaar voor een goede conditie. Lukt het u niet om alle voedingsmiddelen weer normaal te gebruiken of te verteren? Blijft uw gewicht in orde? Neem gerust contact op met de diëtist, als u vragen hebt over uw voeding of gewicht.

Sommige patiënten kunnen naar huis als ze (nog) sondevoeding gebruiken. Er zijn bedrijven die u dan thuis komen ondersteunen. Zij leveren de materialen die u nodig hebt en geven instructies. Op de polikliniek bespreekt de chirurg met u hoe lang u nog sondevoeding nodig heeft.

Leven met een buismaag

Als u bent geopereerd, hebt u een buismaag. U moet gaandeweg ‘opnieuw leren eten’: meermalen per dag kleine porties gebruiken. In het begin kunt u last hebben van smaakverandering. Sommige mensen hebben last van het dumpingsyndroom: ziekteverschijnselen na de maaltijd.

Uw buismaag moet zich op zijn nieuwe functie instellen. Dat kan na een paar maanden overgaan, maar sommige patiënten houden problemen met eten

Contact met andere ex-slokdarmkankerpatiënten levert vaak goede tips op om met uw buismaag te leren omgaan. U kunt daarvoor contact opnemen met de Stichting voor Patiënten met Kanker aan het Spijsverteringskanaal (SPKS).

Vanuit het UMC Utrecht worden zogenaamde buddy-contacten tot stand gebracht, als u dat wilt. U kunt dan kennismaken en ervaringen uitwisselen met andere buismaagpatiënten.

Slapen

U kunt het best slapen in een half zittende houding. Dat voorkomt dat er voedsel uit de dunne darm in de buismaag terugvloeit. U moet zelf ondervinden wat voor u de beste hoek is tussen bovenlichaam en onderlichaam. Meestal is dat ongeveer 30°.

Voorbereiding

Als u in aanmerking komt voor een operatie wegens slokdarmkanker, dan spreken we zo snel mogelijk het behandelplan met u door.

Uw conditie

De behandeling voor slokdarmkanker wordt individueel bepaald, maar zal vaak bestaan uit chemotherapie / radiotherapie gevolgd door operatie. Dit soort behandeling spreiden zich uit over 3 á 4 maanden!
U wordt dan bijvoorbeeld 5 weken behandeld met chemotherapie en radiotherapie waarna u (minimaal)  8 weken 'rust' krijgt. In die tijd bestaat de behandeling uit het verbeteren van uw conditie. Dat is belangrijk: een betere conditie vergroot de kans op een vlot herstel zonder complicaties. Natuurlijk speelt u zelf de belangrijkste rol in het verbeteren van uw conditie.

  • U moet stoppen met roken. Roken kan namelijk veel problemen veroorzaken bij de wondgenezing na deze operatie. De doorbloeding van dit wondgebied heeft zeer veel baat bij stoppen met roken!
  • U gaat trainen. Afhankelijk van uw persoonlijke conditie gaan we beoordelen hoe u het beste uw grote spiergroepen kunt trainen. Denk aan wandelen en fietsen, maar ook aan huishoudelijke activiteiten en sporten. Inspanning op maat is een noodzakelijke voorbereiding voor deze operatie.
  • U gaat werken aan uw voedingstoestand. Om de oefeningen/trainingen te kunnen opbrengen moet uw voedingstoestand optimaal zijn. We zullen dit met u beoordelen en zo nodig ondersteuning bieden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan drinkvoeding of sondevoeding.

Voorbereiding op de operatie

Als u onder narcose gaat, moet u eerst een vooronderzoek ondergaan. Dat heet pre-operatieve screening (POS). Hiermee bereiden we de operatie goed voor. Tijdens een POS krijgt u informatie over wat er precies gebeurt bij de operatie. De anesthesioloog bespreekt de narcose met u. U vult samen met de verpleegkundig specialist een vragenlijst in. Er worden ook enkele lichamelijke onderzoeken gedaan om een beeld te krijgen van uw conditie. Per patiënt bepalen we of er nog aanvullende onderzoeken nodig zijn. Denk bijvoorbeeld aan een bloedonderzoek, een hartfilmpje (ECG), of longfunctieonderzoek.

Tijdens de behandeling

Bij de operatie verwijdert de chirurg de hele slokdarm, samen met de omliggende lymfeklieren. Deze lymfeklieren horen bij de slokdarm. De lymfeklieren kunnen zonder negatieve gevolgen verwijderd worden. Aan de bovenste 5 centimeter van de slokdarm maakt de chirurg een nieuwe aansluiting met de maag. Omdat de maag qua vorm niet op de plaats van de slokdarm past, moet deze eerst ‘op maat’ gemaakt worden. De chirurg verwijdert daarvoor een stuk van uw maag. Uiteindelijk blijft een buisvorm over. Dit noemen we een ‘buismaag’. De buismaag komt dan op de plek waar zich eerst de slokdarm bevond. Soms kunnen we de maag niet gebruiken om een nieuwe slokdarm te maken. Dan gebruikt de chirurg een stukje van de dikke darm. Als dat bij u zo is, zal hierover apart voorlichting plaatsvinden.
 

Operatierobot

Het UMC Utrecht is een van de twee ziekenhuizen waar operaties voor slokdarmverwijdering met een robot kunnen worden gedaan. Robotchirurgie levert een grotere nauwkeurigheid op. En kleinere littekens. De arts bestuurt de robot. Hij gebruikt de robot als een instrument. U wordt dus niet dóór een robot geopereerd, maar met behulp ván een robot.

Na de behandeling

De operatie duurt een aantal uren. Dat vergt veel van uw lichaam. Daarom wordt u in elk geval 1 nacht ‘bewaakt’ op de intensive care. Hoe snel u van de intensive care weg kunt, hangt af van uw lichamelijke toestand.

Praten

Als u wakker wordt, kunt u in het begin niet praten. Dat komt doordat er een buisje in uw keel zit. Door dat buisje wordt u beademd. Als u zelf weer goed kunt ademen, halen we het buisje uit uw keel. U kunt dan weer gewoon praten. Daarna hebt u nog korte tijd last van uw keel.

Bewegen

In het begin moet u zo snel mogelijk weer gaan bewegen.  Een fysiotherapeut helpt u hierbij. Vooral na dit type operatie is het heel belangrijk dat u snel weer goed doorademt en ophoest. Dit wordt bereikt door direct na de opartie in de stoel te zitten, en kleine stukjes te lopen (of te stappen op de plaats zelf).

Eten en drinken

U mag na de operatie direct beginnen met waterijsjes en kleine slokjes ijswater. Als dit goed gaat mag u snel opbouwen met eten en drinken, maar dit moet natuurlijk wel veilig kunnen.   Na de operatie wordt het weggenomen weefsel onderzocht door een patholoog-anatoom. Dat onderzoek gebeurt in het laboratorium. Het wijst uit of alle kankercellen verwijderd zijn.

Informatie over resultaat van behandeling

U wilt natuurlijk zo snel mogelijk horen wat het resultaat van de operatie is. Na de operatie belt de chirurg uw contactpersoon en vertelt dan hoe de operatie verlopen is.

Mantelzorg of thuiszorg

Als u na de operatie thuis aan het herstellen bent, kunt u niet direct alle zwaardere (huishoudelijke) taken weer op u nemen. Het is goed van te voren bij familie, vrienden of kennissen te informeren of zij een handje kunnen helpen. Als dit niet kan, is thuiszorg een oplossing. Het is verstandig om dat voor de operatie te regelen. Uw huisarts kan u daarmee helpen.

Afspraak na de operatie

De eerste controle-afspraak is ongeveer twee weken na de operatie. Dat is kort na het ontslag uit het ziekenhuis. Op de polikliniek treft u dan de verpleegkundig specialist. Hij zal tijdens uw revalidatie uw poli-controles doen. U ziet de chirurg na 3 of 6 maanden, (of vaker als u dit wenst).

Controle

Hoe vaak u de eerste jaren naar het ziekenhuis komt hangt erg samen met hoe het met u gaat. Normaal gesproken zijn de controles de eerste 2 jaar elke 3 maanden. Dit kan soms ook telefonisch gaan.

Mogelijke complicaties

Sommige patiënten krijgen na verloop van tijd opnieuw slikklachten. Het is logisch dat dat mensen erg verontrust. Slikklachten na een buismaagoperatie wijzen meestal niet op een nieuwe tumor. Littekenweefsel in de buismaag is vaak de oorzaak. Deze klachten kunnen worden verholpen met het oprekken van de vernauwde doorgang (savary dilatatie). Bij dit onderzoek vindt inspectie van de gehele buismaag plaats.