English translation for this page is not available

Vorige

Delier

Een delier noemen we ook wel delirium of plotselinge verwardheid. De ernst van verwardheid kan het ene moment erger zijn dan het andere. Een delier komt regelmatig voor bij patiënten in het ziekenhuis en ontstaat door één of meerdere lichamelijke oorzaken. Op de verpleegafdeling geriatrie is een speciale delier-unit waar u terecht kunt om de ernst van het delier te verminderen.

Symptomen

Een delier begint altijd plotseling. De intensiteit van een delier verschilt gedurende de dag. Enkele verschijnselen van een delier zijn:

  • verminderd bewustzijn en concentratie;
  • verminderd vasthouden van de aandacht; vaak moeten vragen meerdere malen gesteld worden en maakt u een afwezige indruk;
  • verstoord dag- en nachtritme;
  • verstoorde denkprocessen: versneld, vertraagd, verward, gefragmenteerd, ongericht; vaak kunt u niet meer logisch nadenken waardoor er verwarde, onsamenhangende taal ontstaat;
  • desoriëntatie in tijd, plaats en persoon;
  • prikkelbaar of agitatie (onrustig);
  • snelle en onvoorspelbare stemmingswisselingen;
  • hallucinaties en waanideeën. Deze kunnen u angstig maken;
  • motorische onrust zoals rusteloosheid, plukkerig, trekken aan infuusslangen en katheter.

Het is belangrijk om alle informatie die u heeft en te maken kunnen hebben met een delier te delen met uw arts en de verpleegkundige.

Oorzaken

Een delier ontstaat door een lichamelijke aandoening. Een delier kan op elke leeftijd voorkomen. Ouderen hebben een verhoogde kans op het ontwikkelen van een delier. U bent vooral kwetsbaar voor een delier als u:

  • geheugenproblemen hebt;
  • al eerder een delier hebt gehad;
  • minder goed kunt horen of zien;
  • 24 uur voor opname hulp nodig hebt of hulp nodig hebt gehad met wassen en aankleden.

Veel voorkomende oorzaken van een delier zijn:

  • een infectie, bijvoorbeeld aan de urinewegen of luchtwegen;
  • uitdroging;
  • stoornis in de water- en zouthuishouding;
  • stoppen met gebruik van alcohol of langwerkende slaap- en kalmerende middelen;
  • pijn;
  • specifieke geneesmiddelen (bijvoorbeeld medicijnen tegen parkinson of morfinepreparaten);
  • blaasproblemen.

Kwetsbare patiënten kunnen bij de aanwezigheid van deze oorzaken sneller een delier ontwikkelen. 

Onderzoek en diagnose

Wanneer er een vermoeden bestaat dat u een delier heeft, gaat de arts op zoek naar de lichamelijk oorzaak van het delier. De arts stelt een delier vast door:

  • het stellen van vragen aan u en/of uw naasten;
  • lichamelijk onderzoek;
  • bloedonderzoek en/of röntgenonderzoek.

Behandeling

Bij een delier is de behandeling van de oorzaken belangrijk. Soms kunnen medicijnen helpen om de verschijnselen van een delier te verminderen. De verpleegkundige begeleidt en informeert u en uw naasten hierbij. 

Delier-unit

Op de verpleegafdeling geriatrie is een delier-unit. Dit is een speciale kamer voor patiënten die verward zijn. Bij een delier krijgt u hier intensieve zorg van een multidisciplinair team. Het doel van de delier-unit is om de ernst van een delier te verminderen. Door de intensieve zorg proberen we daarnaast functieverlies en complicaties door een delier te voorkomen of te verminderen. Bij complicaties moet u denken aan doorligwonden, vallen en ondervoeding.

Meer informatie

Wat u zelf kunt doen om een delier te voorkomen

Bespreek bij opname in een ziekenhuis dat u eerder een delier hebt gehad. In het opnamegesprek brengen wij aan de hand van een aantal vragen het risico op een delier in kaart.

Bij een verhoogd risico op een delier is het belangrijk om uw oriëntatie te bevorderen. De volgende maatregelen zijn belangrijk als blijkt dat u een verhoogd risico hebt op een delier:

  • probeer, waar mogelijk, te blijven bewegen en blijf niet teveel in bed liggen;
  • draag overdag uw kleding en ’s nachts uw nachtkleding;
  • vraag uw familie vertrouwde voorwerpen mee te nemen van thuis zoals uw wekker, deken of foto’s van dierbaren;
  • draag uw bril en gehoorapparaat als u deze hebt.

In de folder ‘(Verhoogde kans op) acute verwardheid/ delier bij ouderen' staat meer informatie om een delier te voorkomen. De folder is beschikbaar op de afdeling en onder aan deze pagina te downloaden.

Wat u als familie kunt doen

Iemand met een delier gedraagt zich anders dan u gewend bent. Hij of zij is verward en praat vaak onsamenhangend. De verwardheid is het ene moment erger dan het andere. U kunt daarom soms moeilijk een gesprek voeren. U bent het aanspreekpunt voor de zorgverleners en speelt een belangrijke rol bij het zorgen voor een veilige omgeving. Ook kunt u helpen bij de verwerking van wat er gebeurd is.

U kunt iemand met een delier steunen en benaderen door: 

  • vaak op bezoek te komen en rustig te blijven;
  • rustig te praten met korte, duidelijke zinnen;
  • eenvoudige vragen te stellen die  met ‘ja’ of ‘nee’ beantwoord kunnen worden;
  • steeds te vertellen wie u bent, waarom u komt, waarom u bij iemand blijft en dit zo nodig te herhalen.

Zorg dat iemand zijn bril, horloge en eventueel gehoorapparaat draagt, om hem zoveel mogelijk bij de realiteit te betrekken.

Hebt u vragen?

Hebt u vragen? Neem dan contact op met de polikliniek geriatrie. Voor een afspraak hebt u een verwijzing nodig van uw huisarts of specialist.


T 088 75 583 78

De polikliniek is bereikbaar van 08.00 - 17.00 uur

Polikliniek

Verpleegafdeling 

Specialisme